Biologische, biodynamische en natuur wijnen

Wereldwijd is er steeds meer aandacht voor de natuur, mede gedwongen door het veranderende klimaat. Biologische producten zijn daar een logisch gevolg van. Wijn kan sinds 2012 ook biologisch zijn, maar sommige wijnbouwers gaan nog een paar stappen verder. Zij kiezen voor biodynamische wijnbouw of maken natuurwijnen. Wat biologische, biodynamische en natuur wijnen zijn en hoe ze van elkaar verschillen, leg ik in deze blog uit.

Biologische wijn

Bij biologische wijnbouw geldt de overtuiging dat de druif, het sap uit die druif en de daarvan bereide wijn een natuurlijke behandeling moet krijgen. Het doel is een wijn maken met zo min mogelijk schadelijke stoffen. Dat doet een biologische wijnmaker door de bodem gezond en vitaal te houden. Natuurlijk zijn er wel ziektes te bestrijden en moet er soms gemest worden, maar er wordt dan gekozen voor minder schadelijke middelen. Er is best wat kritiek op deze werkwijze, omdat bepaalde biologische middelen niet altijd milieu vriendelijk zijn.

Het bekendste voorbeeld is de biologische bestrijding van meeldauw. Dit is een ziekte die vooral veel voorkomt in vochtige wijngebieden. Koper is dan het enige middel dat de wijnboer mag gebruiken,. Echter, dit hoopt zich op in de grond en doodt vervolgens ook veel nuttige parasieten en schimmels. Daarom is de EU wel steeds verder aan het gaan in het beperken daarvan. Dat vervolgens wel weer voor problemen in de wijnteelt kan zorgen. Kunstmest en chemische bestrijdingsmiddelen zijn wél verboden bij biologische wijnbouw. Er is in de EU-regeling ook overeengekomen dat een biologische wijn minder toegevoegd sulfiet mag bevatten. Voor droge rode wijn geldt een restrictie van 100 mg per liter i.p.v. 150 mg voor conventionele wijn). Voor rosé en witte wijn ligt die limiet op 150 mg (in plaats van 200mg). Bij uitzonderlijke klimaatomstandigheden mag in bepaalde gebieden meer sulfiet worden toegevoegd, om toch een stabiele wijn te kunnen produceren.

biologische wijn
Copyright Sundara

Biodynamische wijn

Bij biodynamische wijnbouw gaat de wijnboer nog veel verder. Ook de theorie erachter is anders. Biodynamische wijnbouw komt voort uit de antroposofische theorie van Rudolf Steiner. Deze theorie gaat uit van het indelen van de natuur op 4 elementen: water, lucht, aarde en vuur. Het wortelstelsel van de wijn is de aarde, het blad het water, de bloemen de lucht en de vrucht is het vuur. Volgens de theorie zijn deze elementen met elkaar verbonden en is er onderlinge uitwisseling van energie. Bij het behandelen van de wijngaard en het wijn maken, wordt rekening gehouden met de stand van de zon en de positie van de sterren. Bij het oversteken van wijn op andere vaten, wordt rekening gehouden met de maanstand.

Biodynamische boeren versterken de vitaliteit van de bodem met speciale homeopathische kruiden preparaten. Zo wordt duizendblad veel gebruikt, dat eerst 7 maanden lang onder de grond in een koeienschedel rijpt, om vervolgens als poeder over de wijngaard uit te spreiden. De gedachte is dat als je pakt van de vruchtbare aarde, je de aarde moet genezen en iets terug moet geven. Het komt soms enorm zweverig over, toch zijn er ook een aantal klassiek beroemde wijnhuizen die biodynamisch werken, zoals Romanée-Conti in de Bourgogne. Een volledig biodynamische wijn herken je aan het Demeter logo. 

biodynamische wijn
Copyright Licata Vini

Natuurwijn

Een kleine maar toch steeds grotere groep wijnboeren verzet zich tegen alle soorten van toevoegingen en brengen natuurlijke wijnen op de markt. Een natuurwijn wordt ook wel vin naturel genoemd. Het is geen wettelijk beschermde term zoals een biologische wijn waardoor het weinig garanties geeft op de herkomst en wijnbereiding. Toch wordt er vaak wel een minimaal gecertificeerde biologische of biodynamische teeltwijze geëist. 

Bij natuurwijnen worden de druiven met de hand geoogst. Enkel inheemse gistculturen mogen worden gebruikt bij de alcoholische vergisting. Het sap mag niet worden ‘gecorrigeerd’, dus osmose, filtratie, verhitting etc. zijn volledig verboden. Ook sulfiet (zwaveldioxide) wordt niet toegevoegd, waardoor de kwaliteit niet altijd stabiel is. Ook wisselen de smaken soms enorm. Er wordt dus zo min mogelijk ingegrepen door de wijnmaker. Het zorgt vaak voor troebele wijnen die enorm puur smaken. Soms zijn natuurwijnen ook wat (te) hoog in zuren, doordat ook daar niks aangedaan mag worden. Het is ontzettend belangrijk dat het hele vinificatie proces zo hygiënisch mogelijk gebeurt. Anders krijgt een natuurwijn soms aparte geuren en smaken.

Wat is het beste en hoe proeft dat?

Wijnbouw succesvol maken is mogelijk als de omstandigheden daarvoor geschikt zijn. Daarbij speelt het klimaat, het terroir, de inrichting van de wijngaard en het type wijnbouw een grote rol. Biodynamische en biologische wijnen zijn puur. De bodem en de wijnranken worden niet bespoten of behandeld met chemische bestrijdingsmiddelen. De druiven groeien écht in hun natuurlijke omgeving en worden zoveel mogelijk met rust gelaten. Natuurwijnen hebben dus geen constante smaak. Een jaar later kan dezelfde wijn echt opeens heel anders smaken door de ontwikkeling in de fles en het niet stabiliseren van het proces.

Wil jij ook eens een biologische, biodynamische of natuurwijn proeven? Ik ken nog wel een hele leuke wijnwinkel mét te gekke webshop. En laat je daar nu net 10% korting krijgen… www.wijnwinkellenord.nl

Kirsten van Harten

Kirsten van Harten

Ik deel graag mijn enthousiasme en kennis over wijn zodat anderen er wat van kunnen leren. Wie wat van wijn wil weten moet vooral veel proeven. Drinken mag ook. Zolang je er maar van geniet!

Ps. Wil je voortaan op de hoogte blijven van alle nieuwe blogs? Meld je hieronder aan!